Sjoerd

Atma Challenge 2010: Himalaya expeditie in India.

Na 3 dagen te zijn bijgekomen tussen de tempels en stupa’s in Leh (waarvan we er ook nog drie hebben bezocht) vertrokken we te voet vanuit de 3,5 km hoog gelegen Ladakh-hoofdstad richting de 6,135 km hoge Stok Kangri. Daarbij werden we begeleid door de Nederlandse expeditieleider René de Bos van Snow Leopard, en een heel team van locale gidsen (Sherpa’s), koks, keukenjongens, dragers, paardenmannen en paarden/yaks. In 5 dagen liepen we in etappes van 400/500 meter naar het basiskamp op 4,9 km hoogte. We hadden zelf een dagrugzak van zo’n 7 kg (waarvan 4 liter water) en de paarden droegen onze zwaardere ‘duffels’, samen met tenten en keukenspullen. De route liep langs adembenemende uitzichten (vaak ook letterlijk door het lage zuurstofniveau). ‘s Nachts sliepen we in tenten en elke ochtend werden we door de kitchenboys gewekt met hete thee. Hoe ze het deden weten we niet, maar de variatie in het eten was ongekend voor de omstandigheden waarmee het op hoogte werd bereid. Soep, nasi, pasta, pizza en zelfs taart! De koks waren werkelijk kunstenaars.

Op 1 september om 0.00 uur was het dan eindelijk zover: de witte top die we al zo lang konden zien zouden we nu ook echt proberen te bedwingen. Dat hebben we geweten.. Van de 27 deelnemers begonnen overigens 25 aan de tocht (2 pers. waren geveld door hoogteziekte). We liepen in het donker met onze hoofdlampjes op. Na 3 uur wandelen bonden we de stijgijzers onder om een enorme gletsjer schuin over te steken. Dit duurde ruim een uur. Daarna volgde een steeds steiler wordende sneeuwhelling, waar we zo’n 3 uur tegenop hebben gewandeld. Voor het bovenste / steilste deel (tot de bergkam) gebruikten we touwen. Ook dit nam ruim een uur in beslag. Boven aangekomen waren onze armen en benen flink verzuurd. Gelukkig konden de stijgijzers weer uit, hetgeen voelde alsof je je schaatsen / skischoenen uit doet. Helaas konden 4 deelnemers deze hindernis niet meer passeren, en moesten terugkeren naar het basiskamp. Na een (te) korte pauze vervolgden we de tocht met de laatste (zware) loodjes: deels stijl omhoog wandelen, maar ook grote delen echt klimmen & klauteren met handen en voeten. Daarbij moesten we nog geconcentreerd en alert zijn ook, want niet alle stenen zaten vast genoeg om op te staan of om jezelf aan op te trekken. Geen idee waarom die berg nog steeds zó hoog is, want ik had regelmatig losse stenen in m’n hand. Dit laatste deel was nog de grootste uitputtingsslag van de hele tocht. Het ging om slechts 200 meter stijgen over de smalle bergkam, maar we hebben er ruim 3 uur voor moeten ploeteren. Ook was het zuurstofgehalte inmiddels nog verder gedaald: we liepen voetje voor voetje en moesten regelmatig even een pas op de plaats maken om op adem te komen. Als ik de filmpjes terug zie geloof ik zelf nauwelijks dat ik in een dergelijk tempo constant hartslag 160 had (het ziet er echt uit alsof we niet vooruit te branden zijn). Toch was het daarna eindelijk zo ver: om 11.00 uur, na elf lange uren intensief klimmen, stonden we met 21 deelnemers bovenop “Het dak van de wereld” (zoals de toppen van de Himalaya worden genoemd)!

In de terugweg heeft bijna iedereen zich overigens zwaar vergist. Het beperkte zuurstofgehalte vormde weliswaar niet meer zo’n grote belemmering maar onze beenspieren / -scharnieren gingen wel flink protesteren en verschillende mensen kregen last van blaren. Het hoogste deel over de rotsgraat was nog spannend genoeg om een uur geconcentreerd te blijven, wetende dat het anders wel eens fataal zou kunnen aflopen… De verdere afdaling van zo’n 5 uur over de minder steile delen van het traject ging bijna volledig op de automatische piloot (gewoon je ene voet steeds weer voor je andere neerzetten, maar geen energie meer hebben om iets te zeggen of om de fantastische omgeving (want dat was het nog steeds!) bewust in je op te nemen. Laat staan foto’s maken. Zelf heb ik die terugweg dan ook niet helemaal bewust meegemaakt. Ik struikelde regelmatig over m’n eigen voeten en verzwikte m’n enkel een paar keer in een soort half aangeschoten toestand (door beginnende hoogteziekte), waardoor ik languit op de harde stenen terecht kwam. Het liefst was ik daar blijven liggen, want alles in mij wilde slapen. Bij terugkomst in het basiskamp, om 17:30 uur, na ruim 17 uren inspanning kregen we een warm onthaal. Daarna liep ik naar m’n tent en ben als een blok in een diepe slaap gevallen totdat we om 20:00 uur het succesvolle avontuur met een feestmaal afsloten.

Vóór de beklimming dacht ik dat “uitgeput” een passende term was voor een dag waarop ik een zeer winderige Bosbaan 4 keer in wedstrijdtempo had verroeid: voorwedstrijden en finales van twee verschillende nummers. Okee, ik was die dag natuurlijk wel een paar keer even buiten adem, en aan het eind van de dag had ik een beetje zware benen, waardoor ik er ineens een half uur over deed om naar huis te fietsen i.p.v. het gebruikelijke kwartiertje doortrappen. Deze ervaring als uitputtingsslag is door de beklimming echter totaal weggevaagd.

Het was overigens niet eens de duur van de tocht die het zwaar maakte, of de weersomstandigheden: een rare combinatie van hele droge wind en zeer sterke zon. Het kwam ook niet door de zwaarte van de bepakking (waaronder alleen al 4 liter water), of de zware manier van lopen met stijgijzers onder veel te zware schoenen… Het zat hem vooral in de ijle lucht, waardoor we ongeveer de helft van het normale zuurstofniveau tot onze beschikking hadden. Probeer maar eens intensief te sporten terwijl je in een plastic zak ademt, dat komt er een beetje bij in de buurt. Wat een uitputtingsslag!

Het mocht allemaal dus niet gemakkelijk gaan. Maar goed, daarvoor is het natuurlijk ook een sponsorloop. Al met al had ik dit avontuur voor geen goud willen missen, alleen hoeft mijn volgende bergwandeltocht niet zo nodig heel hoog te worden…

Deelnemers